Sweeney Todd
oktober 17, 2008
Mijn voorliefde voor de houten plankenvloer en levensechte ervaring van het theater moet het dezer tijden afleggen van enkele uitstekende films. Na Million Dollar Baby twee weken geleden zag ik gisteren Sweeney Todd.
De verhaallijn is tamelijk klassiek: na 15 jaar onterechte gevangenisstraf keert Benjamin Barker terug onder de naam Sweeney Todd om wraak te nemen op rechter Turpin. Het motief voor die veroordeling valt uiteraard in de liefde te zoeken: rechter Turpin had een oogje op Sweeney’s vrouw. Daarna evolueert de film op Shakesperiaanse wijze naar de ultieme wraak. Ik hoed mij ervoor de plot te verklappen.
Wat deze film zo briljant maakt, zijn de inkleuring (de stad, de landschappen, de mensen, de kleren: allemaal zwart/wit. Enkel het rijkelijk vloeiende bloed en een blik in de droomwereld van Mrs. Lovett bekennen kleur) en uiteraard de gezongen teksten doorheen de film. Films als Dancer in the dark en Moulin rouge hebben groot succes gehad met heel uitbundige muzikale scènes, maar Sweeney Todd pakt het veel ingetogener aan. Geen dans, geen open keelgaten.
Maar wat mij vooral opviel, was mijn spontane associatie met Hans en Grietje. Mrs Lovett’s voorkomen strookt volledig met dat van een heks, en haar pasteiwinkel doorstaat zonder moeite de vergelijking met het peperkoeken huisje. Net zoals Hänsel valt Sweeney voor de culinaire ideeën van de heks, waarvan de kannibalistische trekjes absoluut niet verdoezeld worden. Maar wanneer Sweeney haar ware bedoelingen ontdekt, duwt hij haar zonder pardon in, jawel, de oven.